
Beeld: Canva
Op het eerste gezicht lijkt er misschien niets bijzonders aan de hand. Iris gaat naar school, zit op zwemles en speelt met vriendjes en vriendinnetjes — een vrolijk meisje dat zich redt in het dagelijks leven. Voor de buitenwereld oogt het als gewoon.
Maar wat je niet ziet, is alles wat daaronder ligt. Een wereld die zich niet in één moment laat vangen en die ook niet overgaat. Zorgen in het hier en nu, zorgen over de toekomst. Inspelen op situaties die zich voordoen, vragen die we onszelf continu stellen, puzzelen, schuiven, incasseren.
Dit is geen fase. Dit is ons leven.
Alles wat er thuis speelt — de extra zorg, de afspraken bij het revalidatiecentrum, de onderzoeken, de gesprekken met school en specialisten en het omgaan met gedrag dat soms ineens verandert — vormt een constante stroom van zorgen, afwegingen en vragen zonder vast antwoord.
Hoe gaat het écht met haar? Vraagt school niet te veel? En de BSO? Hoe verdelen we haar energie? En waar komen die boze buien vandaan, die frustraties die soms zomaar uit het niets lijken te komen? Hoe gaan we hiermee om?
We zoeken, puzzelen en overleggen, steeds opnieuw. En ondertussen dragen we ook iets mee: levend verlies. Het afscheid nemen van verwachtingen die ooit vanzelfsprekend leken, van een toekomstbeeld dat langzaam verschuift — soms zo subtiel dat je het pas later voelt. Het niet weten, het ontbreken van houvast, en toch elke dag weer doorgaan.
Altijd ‘aan’ staan
Zorgouderschap is niet alleen praktisch intensief, maar vraagt vooral mentaal heel veel. Je staat altijd aan. Niet alleen omdat de agenda volstaat met afspraken en onderzoeken, maar omdat je hoofd nooit écht uitgaat. Zelfs op rustige momenten draait het door: monitoren, bijsturen, vooruitdenken, rekening houden, managen.
Wat als morgen anders loopt dan vandaag? Heb ik alles gezien? Mis ik signalen? Voor de buitenwereld lijkt het soms alsof het allemaal wel meevalt. Je kind lacht toch? Het gaat toch goed? Maar wat mensen niet zien, is hoe je emmer langzaam voller raakt. Niet alleen die van het zorgouderschap, maar ook die van het gezin, je werk en je sociale leven — en de emmer die overblijft voor jezelf.
Het is iets wat zelden hardop wordt uitgesproken: de onzichtbare mentale last. Het eindeloze denkwerk dat nooit stopt — het onthouden van afspraken, het plannen en regelen, het afstemmen met school en zorgverleners, het aanvoelen van emoties van je kind, je partner en je andere kinderen. Alsof er altijd een open tabblad in je hoofd actief blijft, zelfs ’s nachts.
Je draagt deze zorg met liefde en toewijding, vaak met een glimlach. Maar het weegt. En soms zwaarder dan je zelf wilt toegeven.
Als de emmer overloopt
Bij mij liep die emmer op een gegeven moment over. Of eigenlijk liepen meerdere emmers tegelijk over, simpelweg omdat het niet meer ging. Ik kon me niet meer concentreren op mijn werk, mijn hoofd zat vol en mijn lijf was moe. Mijn lontje werd korter — naar de kinderen, naar mijn partner en naar mezelf — en daarna kwam de schuld.
Waarom lukt het me niet? Waarom kan ik dit niet gewoon aan, zoals anderen dat lijken te doen? Waarom voelt alles als te veel?
Wat ik toen nog niet kon zien, was dat dit geen persoonlijke tekortkoming was, maar een logisch gevolg van jarenlang dragen, denken, voelen en volhouden. Van een leven dat continu om aanpassing vraagt, waarin verwachtingen steeds opnieuw moeten worden bijgesteld en situaties blijven vragen om nieuwe manieren om ermee om te gaan.
Dit is geen fase. Dit is ons leven.
De Bemoeibrigade op het schoolplein
Langzaam weer op adem komen
Ik werd abrupt tot stilstand gebracht en gedwongen om beter voor mezelf te zorgen, stap voor stap. Ik zit nog midden in dat herstelproces en leer elke dag weer een beetje meer.
Wat ik inmiddels zeker weet, is dit: zorgen voor jezelf is óók zorgen voor je kind. Het is oké om toe te geven dat soms het zwaar is.
De impact van zorgouderschap is vaak onzichtbaar van buitenaf, maar voor wie het leeft, elke dag opnieuw, is het diep voelbaar. Dit is geen fase die overgaat. Dit is een leven waarin je leert dragen, loslaten, bijsturen en steeds opnieuw beginnen.
En soms begint herstel niet met nog meer doen, maar met even niets hoeven. Met erkennen wat er ís. En jezelf daarin niet vergeten.
PRAAT MEE MET ANDERE Mama’s in de community
Kom in contact met (aanstaande) ouders, word lid van een geboorteclub en blijf op de hoogte van de ontwikkeling van je kind.