
Beeld: Canva
Het stond met grote letters in de agenda: de negenjaarsprik. Ik kan me nog levendig herinneren dat ik zelf panisch in die gymzaal zat, maar na afloop schoorvoetend constateerde dat het toch wel was meegevallen.
En nu was het de beurt aan mijn jongste. De middag van de massavaccinatie stond ik braaf met hem in zo’n zelfde gymzaal. Ik had hem zo goed en zo kwaad als het ging voorbereid op het prikje, maar op het moment suprême schrok hij zó dat hij zijn arm wegtrok en de dame verkeerd prikte. Na een korte kalmeringssessie volgde poging twee, door de inmiddels wat geagiteerde medewerkster, met hetzelfde resultaat. Tom was inmiddels zo hard aan het huilen dat een andere medewerker ons geïrriteerd naar een zijkamertje dirigeerde, want we maakten de andere kinderen overstuur. Voor die middag was het wel even klaar met de naalden.
Poging drie volgde een paar weken later. Ik had specifiek gevraagd om een medewerker die kon omgaan met prikangst en uitgelegd dat Tom vanwege zijn stoornis een andere sensorische verwerking heeft. Dat het daarom ook beter was om de vaccinatie in een rustige ruimte te doen, zonder die mensenmassa om hem heen. Deze keer ging papa mee, die kan namelijk in dit soort situaties wat beter de rust bewaren dan ik. Maar Tom had amper zijn mouw opgestroopt of de medewerkster probeerde de naald via een soort verrassingsaanval direct in zijn arm te porren. Enter: nieuwe paniekaanval… en geef hem eens ongelijk.
Drie keer is scheepsrecht, of nou ja, eigenlijk vier in dit geval, dus we maakten een nieuwe afspraak voor een paar weken later. Wederom legde ik telefonisch de situatie uit; er werd een dubbel consult vastgelegd. Met frisse tegenzin nam Tom plaats in de stoel. Het begon goed: een van de medewerksters maakte een kletspraatje en probeerde hem op zijn gemak te stellen. Maar de dame die de vaccinatie zou zetten leek er al snel klaar mee en zat met een pinnig gezicht bijna letterlijk te trappelen van ongeduld. Het vertrouwen van Tom zakte steeds verder weg, terwijl hij me wanhopig aankeek met een trillend pruillipje.
Gedurende het half uur dat volgde was ik vooral zélf hard bezig met Tom kalmeren, hem geduldig toe te spreken en suggesties te doen over hoe we het konden aanpakken. De dames besloten er maar even een meer ervaren medewerkster bij te roepen. Ik vroeg haar wat de consequenties waren als we het hierbij zouden laten; ik had namelijk geen idee wat ik nog meer kon proberen. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen mijn kind in een houdgreep te houden voor een injectie. De medewerkster leek bijna beledigd door mijn vraag, want was ik me er niet van bewust hoe belángrijk vaccineren is? Ehm, zeker wel. Daarom zat ik hier nu ook voor de derde keer.
Laat me slapen
Wilde Tom zélf wel graag die vaccinatie krijgen, werd er gevraagd. Nou ja, ik denk dat er weinig negenjarige kinderen heel bewust voor een vaccinatie kiezen, laat staan als ze, zoals Tom, emotioneel nog een paar jaar jonger zijn. Maar oké, sure, ik zou proberen hem het belang van de vaccinatie nog meer uit te leggen. Tot slot werd er geopperd dat Tom misschien traumatherapie kon gaan volgen om zijn prikervaringen een plekje te geven. Dan konden we daarna weer een nieuwe afspraak maken. Tsja.
Eenmaal buiten slaakte Tom een zucht van verlichting en keek me vervolgens serieus aan. “Dat vond ik niet zo leuk, mama.”
Nou kerel, ik ook niet, dacht ik bij mezelf.
PRAAT MEE MET ANDERE Mama’s in de community
Kom in contact met (aanstaande) ouders, word lid van een geboorteclub en blijf op de hoogte van de ontwikkeling van je kind.
De kapelaan, de carnaval en de belangrijkste controle
Een ‘nee’ geven aan mijn kind met autisme… blijft next level moederschap
Reizen met twee kleine kinderen: “Hoe doen jullie dat?”