
Beeld: Canva
Opgebiecht: Ik voel het in alles, maar heb geen bewijs
Het begon niet met een berichtje. Niet met lippenstift op een kraag of een naam die ik niet herkende. Het begon met een gevoel. Zo’n onderhuids gevoel dat niet weggaat, hoe vaak je jezelf ook vertelt dat je normaal moet doen. Ik voel het in alles. Maar ik heb geen bewijs.
“Op papier doet hij niks fout. Hij komt thuis. Vraagt hoe mijn dag was. Zet de vaatwasser aan en zegt dat hij “nog even moet werken”. Hij kust me op mijn hoofd. Alles lijkt zoals het hoort. En toch klopt het niet.”
Het zit ’m in de kleine dingen. In hoe hij zijn telefoon ineens altijd met het scherm naar beneden legt. In hoe hij schrikt als ik onverwacht binnenkom. In hoe hij lacht om iets op zijn scherm en zegt: “Oh niks.”
Niks. Dat woord. Dat ene woord waar ik inmiddels een knoop in mijn maag van krijg.
Ik hoor mezelf vragen stellen die ik vroeger nooit stelde.
Hoe laat was je precies thuis?
Wie waren er nog meer?
Welke collega zei je dat dat was?
Ik klink als iemand die ik niet wil zijn. Wantrouwend. Controlerend. Moe. En misschien ben ik dat ook. Maar dit voelt anders dan ‘gewoon moe zijn’.
Soms, als hij onder de douche staat, pak ik zijn telefoon. Mijn hart bonkt dan zo hard dat ik bang ben dat hij het hoort door de badkamerdeur heen. Ik scroll. Ik zoek. Ik check namen, tijden, emoji’s. En ik vind… niets. Geen rare berichten. Geen bewijs. Alleen mezelf, die zich ineens klein en schuldig voelt.
Zie je wel, denk ik dan. Je verzint dit. Je bent oververmoeid. Dit is wat stress met je doet.
Maar het gevoel gaat niet weg.
Het zit in hoe hij me niet meer echt aankijkt. In hoe gesprekken sneller stoppen. In hoe alles draait om regelen, plannen en doorgaan. We zijn een team geworden. Geen stel. En ergens onderweg ben ik mezelf kwijtgeraakt in dat team.
Ik merk dat ik verhalen onthoud. Tijden opsla. Details vergelijk. Alsof ik onbewust bewijs probeer te verzamelen voor iets waarvan ik hoop dat het niet waar is. Ik ben mijn eigen detective geworden, zonder zaak en zonder dossier.
Als ik het voorzichtig probeer te benoemen, zegt hij dat ik me dingen inbeeld. Dat het druk is. Dat ik me geen zorgen hoef te maken. En ik knik. Want wat moet ik anders? Je kunt iemand niet beschuldigen op basis van een gevoel. Toch?
Maar ik ken mezelf. Ik ken mijn lijf. Ik weet hoe het voelt als iets niet klopt. En dit klopt niet.
Misschien zit ik ernaast. Misschien lees jij dit en denk je: laat los, dit maakt je kapot. En misschien heb je gelijk. Maar wat als mijn gevoel wél klopt? Wat als dit dat moment is waarop je later zegt: ik voelde het toen al.
Het ergste is niet eens de gedachte dat hij misschien een affaire heeft. Het ergste is dat ik vastzit tussen weten en niet-weten. Tussen vertrouwen en wantrouwen. Tussen blijven en vertrekken.
Ik heb geen bewijs.
Alleen een gevoel dat steeds harder gaat schreeuwen.
En hier, alleen hier, durf ik dat toe te geven.
Heb jij ook iets op te biechten? Vul dan deze enquête (anoniem) in.
PRAAT MEE MET ANDERE Mama’s in de community
Kom in contact met (aanstaande) ouders, word lid van een geboorteclub en blijf op de hoogte van de ontwikkeling van je kind.
Slaap jij met sokken aan of uit? Dít zegt het over jouw persoonlijkheid
Sophie verloor de helft van haar tweeling: “Ik heb echt gedacht: ik wil niet meer”
Deze babynamen zijn verboden in Nederland (en ouders probeerden het serieus)