
Beeld: Canva
Jasmina Borgeld: “Deze vakantie had zo anders moeten zijn”
Mijn moeder droeg deze wens al jaren met zich mee: ooit samen naar Maleisië. De warmte, de natuur, de cultuur, een reis waar ze al zo lang naar uitkeek. En wij gingen mee, met ons gezin, vol vertrouwen en zin. Het voelde als een cadeau. Aan haar, aan ons, aan het leven. Omdat ze zoveel voor ons deed.
Tot het leven ineens keihard ingreep.
Die dag waren we in een themapark geweest. Zo’n dag waarop alles klopt. De kinderen lachten, renden, speelden. Zayn was niet ziek, niet hangerig, niet anders dan anders. Gewoon een vrolijk jongetje dat genoot. Aan het eind van de dag werd hij moe, maar slapen lukte niet. We dachten dat het kwam door de herrie, de prikkels, de drukte. Niks geks. We besloten terug te gaan naar het appartement.
De taxirit begon al onrustig. We hebben een kinderwagen en autostoel in één, inklapbaar. Volgens de chauffeur mocht die niet gebruikt worden. Hij wilde dat we het stoeltje in de kofferbak deden en Zayn op schoot namen. Iets in mij ging meteen in verzet. Dat voelde niet veilig. We weigerden. Nou begrijp ik dat ze in Maleisië heel andere maatstaven hanteren dan in Nederland, maar ik wilde mijn kind niet op schoot vervoeren. Helemaal niet terwijl ik een kinderstoeltje bij me had. Andere taxichauffeurs prezen het overigens alleen maar dat we hier zelf voor hadden gezorgd.

“Zijn lijfje schokte. Zijn ogen draaiden weg. Je zag alleen nog het wit. Ik wist meteen: dit is fout”
Na een pittige discussie nam hij ons uiteindelijk toch mee.
Een paar minuten later riep mijn moeder ineens in paniek:
“Kijk naar Zayn… wat is er met Zayn?”
Ik boog me over de leuning.
En alles in mij bevroor.
Zijn lijfje schokte. Zijn ogen draaiden weg. Je zag alleen nog het wit. Ik wist meteen: dit is fout. Dit is zó fout. We schreeuwden dat de chauffeur moest stoppen. Hij weigerde. We riepen “Call an ambulance!”, maar hij deed niks. Pas toen mijn moeder de deur open trok terwijl de auto nog reed, zag hij de ernst.
We sprongen eruit.
Op straat.
In een vreemd land.
Met ons kind dat ineens levenloos werd.
We haalden Zayn uit zijn stoeltje. Hij bewoog niet. Hij voelde slap. Als een pop zonder leven. Ik dacht oprecht dat we hem kwijt waren. Mijn hart sloeg over. Farah keek me aan met ogen die ik nooit meer vergeet en vroeg:
“Mama… is mijn broertje dood?”
Ik huilde. Ik kon niet antwoorden. Ik dacht dat dit het moment was waarop mijn leven in tweeën brak.
Een winkelier belde eindelijk een ambulance. Een andere kwam aanrennen met flessen koud water en riep dat we Zayn nat moesten maken. We trokken zijn kleren uit, gooiden water over hem heen, hielden hem vast. Minutenlang voelde hij levenloos tegen me aan. Tien minuten die als een eeuwigheid voelden.
En toen…
Toen huilde hij… heel zachtjes… maar hij maakte weer geluid.
Ik heb nog nooit in mijn leven zo opgelucht gehuild. Dat geluid, zijn gehuil, voelde als leven dat terugkeerde. Maar hij bleef wegvallen. We schreeuwden dat hij wakker moest blijven. Farah vroeg opnieuw of hij weer leefde. Ik hield mijn zoon vast en bad harder dan ik ooit had gedaan.
De ambulance deed er lang over. Er was file. Met loeiende sirenes reden we uiteindelijk naar het ziekenhuis. Mijn hoofd was leeg en vol tegelijk.

“Er is niets, maar dan ook niets, onschuldig aan het zien van je kind dat schokt, wegvalt en levenloos wordt”
In het ziekenhuis hoorden we wat er was gebeurd. Zayn had een keelontsteking. Zonder dat wij dat wisten. Hij had koorts gekregen en door de extreme hitte in Maleisië had hij een koortsstuip gekregen. “Het ziet er eng uit,” zei de arts in het Engels, “maar meestal is het onschuldig.”
Maar laat me je dit zeggen:
er is niets, maar dan ook niets, onschuldig aan het zien van je kind dat schokt, wegvalt en levenloos wordt.
En dan ben je ineens ouder in een buitenlands ziekenhuis. Waar alles anders is. Waar je de taal niet volledig spreekt. Waar protocollen soms belangrijker lijken dan menselijkheid en waar je leert hoe belangrijk geld is.
Omdat we buitenlanders waren, moesten we voor elke handeling betalen. Begrijpelijk, en ja, dat krijg je terug van de verzekering, maar op dat moment zorgt het alleen maar voor extra stress. Jerry mocht niet blijven. Ik moest eerst betalen en Zayn alleen achterlaten om naar een ander gebouw te gaan. Ik vroeg de verpleegkundige om op hem te letten. Toen ik terugkwam, lag hij alleen in zijn bedje. Overstuur. Huilend. Mijn hart brak opnieuw.
Toen ze een infuus wilden prikken, mocht ik er niet bij zijn. Protocol. Ik weigerde. Ik zei dat ik doodstil in een hoek zou blijven staan. Dat ik niets zou doen. Maar nee. Ouders mochten er niet bij zijn. Tot ik brak. Tot ik huilde. Pas toen mocht ik blijven.
Ik mocht bij Zayn slapen. Slapen is een groot woord. Je krijgt een stoel. Op de spoedafdeling was dat zelfs een plastic tuinstoel die niet eens leuningen had. Ik vroeg of hij een sokje om zijn infuus mocht, zodat hij het er niet uit zou trekken. Dat kon niet. “Als hij het eruit trekt, prikken we het gewoon opnieuw,” zeiden ze. Mijn maag draaide om.
Hij mocht geen eten van buiten. Kreeg drie keer per dag rijst. Mijn kinderen zijn dol op rijst, maar niet om zeven uur ’s ochtends. We smokkelden bananen en brood naar binnen. Gelukkig gaf ik nog borstvoeding. Dat was mijn redding. En de zijne.
De communicatie was slecht. We wisten niet waar we aan toe waren. Farah mocht haar broertje niet bezoeken. Jerry mocht maar twee keer per dag een uurtje komen en niet eens bij gesprekken met de arts zijn. Ik voelde me alleen. Machteloos. Klein.
Zayn wilde geen paracetamol. Zetpillen mochten niet, dat zou trauma veroorzaken. Dus werd hij vastgehouden en werd de paracetamol naar binnen gepropt, tot hij overgaf. Ik stond erbij en kon niets doen. Ik was namelijk afhankelijk van deze zorgverleners.
Mijn zusje had ondertussen contact met de alarmcentrale in Nederland. De dag dat hij overgeplaatst zou worden naar een privéziekenhuis, iets wat we eerder hadden moeten weten, mocht hij gelukkig naar “huis”. Naar het appartement. Dus mocht je zelf in het buitenland (met één van je kinderen) in het ziekenhuis terechtkomen, check dan zsm bij je reisverzekering de mogelijkheden tot een overplaatsing naar een privéziekenhuis.
Het was “maar” een koortsstuip.
Maar mijn lichaam weet dat nog niet.
Mijn hoofd weet dat nog niet.
Mijn hart zeker niet.
Dit was doodeng. En ik heb echt tijd nodig om dit een plek te geven.
Wat ik andere ouders wil meegeven:
- Blijf kalm bij een koortsstuip, hoe onmogelijk dat ook voelt. Leg je kind op de zij, zorg dat het zich niet kan bezeren en niet kan stikken, kijk op de klok en bel hulp.
- Koel je kind voorzichtig als er hoge koorts is. Wij deden dit door koud water over hem heen te gooien, maar ik heb begrepen dat lauw water beter is. Trek in ieder geval de kleren van je kindje uit als hij of zij warm gekleed is.
- Ga altijd uit van je onderbuikgevoel. Jij kent je kind het best.
- Check vóór vertrek je reisverzekering en weet of overplaatsing naar een privéziekenhuis mogelijk is.
- En misschien wel het belangrijkste: weet dat je niet zwak bent als je daarna tijd nodig hebt om te verwerken.
Deze vakantie begon als een droom voor mijn moeder.
En eindigde als een les die ik nooit had willen leren.
Maar één ding weet ik zeker:
Ik ben dankbaar, ik heb mijn zoon nog.
En dat is alles.
Sommige herinneringen neem je mee als foto’s.
Andere als littekens.
Deze… deze draag ik in mijn hart.
Jasmina Borgeld: “Kerst zonder glitter en kerstballen”
Jasmina Borgeld: “De onzichtbare vermoeidheid van moeders”
Veel liefs,
Jasmina
Mijn naam is Jasmina. Na jaren vol teleurstellingen, tranen, hoop en vruchtbaarheidsproblemen werd ik eindelijk moeder. En geloof me: toen ik dat eerste kleine mensje in mijn armen hield, voelde het alsof ik de jackpot had gewonnen. Inmiddels heb ik er twee rondrennen, mijn eigen ondeugende bengels, en die zorgen ervoor dat het leven nooit saai is (lees: ik ben continu moe, maar ó zo gelukkig).
Ik ben contentcreator, chronisch ziek (astma, reuma en diabetes type 1) en verslaafd aan reizen. Juist omdat ik weet hoe kwetsbaar het leven kan zijn, leef ik met de dag en probeer ik zoveel mogelijk herinneringen te maken. Mijn doel? Elke schoolvakantie met de kinderen iets moois beleven… of dat nou in een jabrA in Dubai is of gewoon bij mijn zusje in de tuin aan de andere kant van het land.
Op mijn socials vind je geen picture perfect plaatjes, maar eerlijke verhalen met een dikke knipoog en een flinke scheut humor. Want laten we eerlijk zijn: het moederschap is fantastisch, maar zonder humor zouden we het allemaal niet overleven. Wil je meer over mij weten? Volg me dan op Instagram.
Liefs,
Jasmina
PRAAT MEE MET ANDERE Mama’s in de community
Kom in contact met (aanstaande) ouders, word lid van een geboorteclub en blijf op de hoogte van de ontwikkeling van je kind.