Snap
  • Kind
  • aankleden
  • zelfstandig
  • zelfstandigheid

Uit het leven van een peuter: Jezelf aankleden

De laatste tijd is er iets vreemds gaande. Waar ik eerst altijd liefdevol door papa of mama werd verzorgd, word ik nu ineens geacht dat zelf te doen. Ik ben zo verward. Al die tijd hebben ze alles voor me gedaan en nu verdwijnt dat steeds meer. Eten wordt niet meer in mijn mond gestopt, nee, dat moet ik zelf doen. Mijn tas wordt niet meer gedragen, maar zo aan mijn tere peuterruggetje gehangen. En, oh de horror, ik moet zelf een papiertje pakken nadat ik naar de wc ben geweest. Dat is toch onmenselijk?

Maar nu is er dus weer iets bij gekomen: ik word niet meer aangekleed. Waar ik voorheen lekker op bed werd gelegd en mijn kleertjes vol liefde werden aangetrokken, legt mama nu mijn kleren klaar op mijn tafeltje, met de mededeling: ‘roep maar als je klaar bent’.

What’s going on people? Ik ben verdorie 3 jaar oud, hoezo moet ik mezelf aankleden?

Maandagochtend 7 uur: papa en mama moeten vandaag allebei werken, dus ik ga lekker naar het kinderdagverblijf. Ik heb er zin in! Mama maakt me wakker. Na even geknuffeld te hebben, komt die stomme mededeling weer: ‘Daar liggen je kleren, roep maar als je klaar bent’. En weg is ze.

Ik pak mijn onderbroek. Oh leuk, een plaatje van Olaf. Haha die malle sneeuwpop toch. Dat doet me denken aan die keer dat we samen een sneeuwpop gingen maken en ik toen…. ‘Indy! Heb je nou nog niks aan? Kom op, trek die onderbroek eens aan!’ roept mama ineens vanuit de deuropening.

‘Ja ja, rustig aan mama, ik ben al bezig!’ roep ik terug. Is niet waar. Ik was helemaal nergens mee bezig. Goed, de onderbroek. Hoe zat dat ook alweer? Oh ja, die voet moet daardoor heen en dan…. Huh? Waar is Olaf nou gebleven? Hoe zit dat ding nou? Weer binnenstebuiten zeker…Pff laat ook maar. Ik heb er al geen zin meer. Ik ga lekker spelen.

Vijf minuten later stapt papa mijn kamer binnen. Ik zit rustig aan mijn tafeltje de haren van mijn knuffel te borstelen. ‘Indy! Heb je nou nog niks aangetrokken! Kom op, we hebben best een beetje haast hoor’.

Als je zoveel haast heb, kleed me dan lekker zelf aan. Gaat een stuk sneller dan als ik het zelf doe hoor. Maar goed, die ouderlogica snap ik toch niks van.

‘Kom op, ik help je wel even met die onderbroek, maar dan moet je het daarna echt zelf doen hoor’. ‘Zal ik doen papa’ beloof ik plechtig.

Papa is weer weg. Nu heb ik een onderbroek aan. Alleen nog mijn jurkje en sandalen. Maar eerst even dat boekje lezen wat daar ligt. Ik pak het en ga lekker op mijn bed liggen. Heerlijk.

5 minuten later verschijnt mama in de deuropening. ‘Nou Indy! Wat is dit nou? We moeten zo al weg en je bent nog steeds niet klaar. Schiet nou toch eens op!’ Ik leg zuchtend het boekje weg en kijk mama aan. ‘Ga je nu echt opschieten schat?’ ‘Ja mama, zal ik doen’.

Ik pak het jurkje en trek hem over mijn hoofd. ‘Ik zie niks! Ik zie niks! MAMAAAAA!’

Mama komt aangesneld. ‘Doe nou eens rustig joh, gewoon je hoofd hierdoor heen. Kom, ik help je wel’. Mijn hoofd schiet door het gat, ah eindelijk weer ademhalen. Nu die mouwen nog, nu maar hopen dat mama… ‘Nou die mouwen kan je zelf hè, heb ik je al zo’n 100 x voor gedaan dus dat moet wel lukken. Tot zo’ en weg is ze. Nou lekker dan. Ik heb nooit opgelet dus geen idee wat ik moet doen. Maar ik heb een plan.

‘AMBER!’ Mijn zus komt binnen. ‘Ja Indy?’ ‘Wil je me alsjeblieft helpen Amber? Dan ben je de allerliefste zus’. Natuurlijk werkt het en helpt ze me. Zo makkelijk kan het zijn. ‘Zo Indy, nu zelf je sandalen aan hè!’ ‘Ja Amber’.

Ik ga weer lekker aan mijn tafeltje zitten en pak mijn knuffels om te spelen. Mijn sandalen liggen onaangeroerd op de grond.

Papa komt voorbij lopen en ziet me zitten. ‘Ben je nou nog steeds niet klaar? Nou ja, je hebt in ieder geval zelf je jurk aangetrokken, goed gedaan. Dan doe ik je sandaaltjes wel even’.

Hij trekt ze aan en neemt me mee naar beneden, waar mama en Amber al aan tafel zitten.

‘Goed gedaan Indy!’ zegt mama, ‘Ik ben trots op je’. Nou ben ik ook best op mezelf. Wie geen zin heeft om zichzelf aan te kleden, moet slim zijn. En dat ben ik.